Richtlijnen

De plaats waar Karate beoefend wordt noemt men de “DOJO”. In de Dojo heerst er stilte, er wordt alleen gepraat door de leraar of met het Japanse woord de “SENSEI”. De leerlingen of Karateka’s dienen tijdig aanwezig te zijn, telaatkomers dienen eerst toelating te vragen aan de Sensei om de les te vervoegen.

Bij betreden of verlaten van de Dojo wordt er gegroet.

De Dojo wordt alleen verlaten met de toestemming van de Sensei.

DE KARATEKA’S.

dienen nette haren te hebben
kortgeknipte nagels
geen oorringen of sieraden te dragen
de karate-gi of kledij dienen proper te zijn
de trainingen gebeuren blootsvoets
vrouwen dienen een T-shirt te dragen (onder de vest)


DE KLEDIJ.

De kledij van een Karateka bestaat uit een vest en broek. Deze dienen wit te zijn en van goede kwaliteit. Vuile kledij wordt niet toegestaan. De karate-gi is de correcte naam van de kledij. Na de vest vastgeknoopt te hebben wordt er een gordel gedragen. Op deze gordel kan men de geoefend-heid van de Karateka vaststellen.

HET GROETEN.

Het groeten gebeurt bij het binnen- en buitengaan van de Dojo, bij het begin en het einde van de les. De groet kan zowel staande als in zithouding gebeuren.

STAANDE GROET.

Gewone strekstand, voeten tegen elkaar, de handen naast het lichaam. Het bovenlichaam buigt lichtjes naar voor, de ogen blijven naar voor kijken. In geen geval de ogen neerslaan, steeds uw partner of de omgeving blijven observeren.


DE GROET IN ZIT.

Men gaat op de hurken zitten, volledig in evenwicht zit men op de bal van de voet.

DE SENSEI GAAT EERST ZITTEN EN DAN PAS DE LEERLINGEN.

De linkerknie wordt op de grond geplaatst en de rechter sluit aan. De linkerhand wordt in het midden op de grond geplaatst daarna de rechter, het hoofd komt voorover gebogen tussen beide handen. De houding duurt ongeveer 3 tellen. Het terugkeren in zit gebeurt in omgekeerde volgorde. Ook het rechtstaan is gebonden aan dit ritueel.